Kopiëren is niet mogelijk.
logo

Godendroom

Een wilde godenhengst was hij,
nog nooit bedwongen of bereden,
die na een lange, lange reis,
als genageld, oog in oog stond
met een hemelrijkse droom.

Zonder tuig of zadel
had hij haar toegelaten
op zijn brede bruine rug,
bezweet en dampend nog,
galop nog in zijn goddelijke benen.

Kalmerend was haar innige omhelzing.
Woorden in zijn rechteroor
verstond hij niet, maar troostten hem,
alsof ze wist en voelde
van alle sporen in zijn lijf.

Veerkrachtig, zacht en sterker dan het zijne
was het warme dijenvlees
waarmee hij werd omklemd.
Haar woorden werden vlees,
zijn lichaam werd het hare.

Eerst in meedogenloze draf,
en snel al in galop,
stoof het één geworden paar
door leeg en ongenaakbaar land,
maar liet geen sporen na.

Na een bestemmingloze helse tocht
van volle maan naar volle maan,
uitgeput en vrijwel krachteloos,
kon hij zich steigerend, met groot misbaar,
uit haar betovering bevrijden
en vluchtte naar een nooit gevonden oord.

Ook van zijn amazone werd nooit meer iets vernomen.

2019